Het fundament
Wat een bosgrond eigenlijk is, wat een mens in de natuur rustig maakt, en wat dat betekent voor de mixer. Met bij elke bevinding hoe stevig het bewijs is.
Wat een bos laat horen
De Amerikaanse geluidsonderzoeker Bernie Krause, die vijftig jaar natuur opnam, deelt elk landschap in drie bronnen. Geofonie is wat niet leeft, zoals wind in bladeren, water en regen. Biofonie is alles wat leeft, zoals vogels, insecten en kikkers. Antropofonie is alles wat van de mens komt, zoals verkeer, vliegtuigen en stemmen.
De bosgrond is vooral geofonie. In stille, onbewoonde gebieden is wind door het blad de belangrijkste bron van het achtergrondgeluid. Uit de windsnelheid alleen is al meer dan de helft van de variatie in geluidsniveau te voorspellen. Een stil bos zit ruwweg tussen 20 en 45 dB(A), afhankelijk van wind, seizoen en tijdstip. Zweden hanteert onder de 45 dB(A) als grens voor een goed stil gebied.
Daarboven ligt de biofonie. Volgens de akoestische nichetheorie van Krause verdelen dieren de ruimte, in toonhoogte en vooral in tijd, zodat ze elkaar niet overstemmen. Een bos klinkt daardoor als een koor waarin iedereen zijn eigen moment heeft. Dat doet de mixer al na, omdat de vogels los van elkaar zingen.
Een goede bosgrond is dus wind door blad, zacht en zonder naad, met een verre, verspreide laag leven erop. Er zit geen enkel menselijk geluid in en er gebeurt niets plotselings.
Wat een mens rustig maakt
Water geeft rust, vogels nemen stress weg
Een overzichtsstudie uit 2021 bundelde tientallen onderzoeken naar natuurgeluid en gezondheid. Natuurgeluid ging samen met minder stress en ergernis en met betere waarden voor onder meer hartslag, bloeddruk en cortisol. Het verschil tussen de soorten is bruikbaar. Water gaf het grootste effect op gezondheid en een rustig gevoel, vogelzang het grootste effect op minder stress en ergernis.
Stevig als overzicht, maar de onderliggende studies zijn meestal kort en in een lab met koptelefoon gedaan.
Natuurgeluid richt de aandacht naar buiten
In een hersenscan-onderzoek uit 2017 luisterden mensen naar natuurlijke en kunstmatige geluiden. Bij natuurgeluid was de aandacht meer naar buiten gericht en nam de rust-en-verteerstand van het zenuwstelsel toe. Bij kunstmatig geluid keerde de aandacht naar binnen, een patroon dat ook bij piekeren en angst hoort. Proefpersonen letten bij natuurgeluid ook beter op hun omgeving.
Eén studie met een kleine groep, dus een aanwijzing en geen wet.
Zachte fascinatie
De psychologen Rachel en Stephen Kaplan beschreven hoe natuur een vermoeid hoofd herstelt. Dat gebeurt via zachte fascinatie. Iets houdt je aandacht vast zonder dat het moeite kost, zoals ruisende bladeren, stromend water of drijvende wolken. Harde fascinatie, zoals een scherm, slokt je aandacht juist op. Volgens hen helpen ook het gevoel van ergens anders zijn en een omgeving die groot en samenhangend genoeg voelt.
Veel gebruikte theorie, maar zachte fascinatie is nooit scherp gemeten en wordt daarom ook bekritiseerd.
Herstel na stress gaat sneller
Een Zweedse proef uit 2010 gaf veertig mensen eerst een stressvolle rekentaak. Daarna hoorden ze een fontein met vogels op 50 dB(A), verkeer of stille achtergrond. Bij de natuurgeluiden zakte de huidgeleiding, een maat voor spanning, sneller dan bij lawaai.
Een trend en geen hard verschil. Het past wel bij de rest.
Niet elke vogel ontspant
Onderzoek van Eleanor Ratcliffe in Engeland laat zien dat vogelgeluid niet vanzelf rustig maakt. Luide, rauwe, simpele of eentonige roepen ervaren mensen als onaangenaam of stressvol, zoals de ekster en de kraai. Melodieuze en gevarieerde zang die mensen kennen en verbinden met lente, zomer en overdag werkt het best. Wat aan dreiging doet denken, werkt averechts.
Vooral wat mensen zelf aangeven, met redelijke groepen. Wel consistent over meerdere studies.
Geluid alleen is niet alles
In een virtueel bos uit 2013 hielp natuurgeluid samen met het beeld het herstel na stress, via de rust-en-verteerstand. Latere studies vonden dat geluid het effect van beeld versterkt, maar dat geluid alleen niet altijd ontspant.
Een eerlijke kanttekening. De mixer werkt het best als je ook ergens rustig zit of naar buiten kijkt.
Wat dit betekent voor de mixer
Zachter dan je denkt
De proeven werkten rond 50 dB(A), ongeveer een rustig gesprek op afstand. Een echte bosgrond zit nog lager. Zet de ondergrond zo zacht dat je hem bijna niet meer hoort en pas daarna de vogels erop.
Geen mens erin
Geen verkeer, geen vliegtuig, geen stemmen, ook niet ver weg. Laag gerommel van wegen is het eerste wat ik uit een opname filter.
Niets wat opschrikt
Geen plotselinge pieken of tikken, en geen naad die je hoort. Hoe langer de ondergrond, hoe minder herhaling je merkt.
Melodieuze, bekende vogels
Merel, zanglijster, roodborst, zwartkop en fitis zijn melodieus en gevarieerd, en je kent ze. Kraai, ekster en gaai laat ik weg. De specht blijft kort en zeldzaam, als accent.
Water voor rust, vogels tegen stress
Wil je rust, zet dan het water hoger. Kom je gespannen binnen, zet dan de vogels hoger. Zo kun je het logboek later ook lezen.
Het seizoen moet kloppen
Bekend werkt beter dan exotisch. Een Nederlands voorjaarsbos klinkt anders dan een Australisch regenwoud, en je oor weet dat. Je eigen tuin bij de duinen is daarom misschien wel de beste bosgrond die er is.
Nieuwe bronnen voor de bosgrond
Op Wikimedia Commons staan opnames van Beeld en Geluid, het Nederlandse archief voor beeld en geluid, met een open licentie. Het zijn Nederlandse bossen met Nederlandse vogels, en ze duren elf tot twaalf minuten. Dat is vijf tot twintig keer langer dan wat de mixer nu gebruikt.
Zomerse sfeer in een groot bos
11,5 minuten, augustus 1978
Veel vogelsoorten en ruisend blad. De sterkste kandidaat voor de bosgrond. Beeld en Geluid, CC BY-SA 3.0
Bos met vogels
12,5 minuten
Algemene bossfeer met zwartkop, fitis en roodborst. Beeld en Geluid, CC BY-SA 3.0
Bos met veel zangvogels
10,5 minuten, 1978
Zanglijster, zwartkop en merel. Levendiger, eerder een vogellaag dan een grond. Beeld en Geluid, CC BY-SA 3.0
Bos met vogels bij een beek
11 minuten
Nachtegaal, zwartkop en fazant, met water. Mogelijk ook een beter beekje. Beeld en Geluid, CC BY-SA 3.0
Bosgeluiden in de winter
11,5 minuten, februari 1984
Kaal bos aan de rand, met af en toe een auto. Mooi voor een winterversie, maar de auto's moeten eruit. Beeld en Geluid, CC BY-SA 3.0
Vogels in gemengd bos
4 minuten, mei 2014
Nationaal Park Sallandse Heuvelrug. De Auditieve Dienst, CC BY-SA 3.0 NL
Er is één praktisch bezwaar. Een opname van twaalf minuten is als mp3 ongeveer 18 MB, en uitgepakt in het geheugen meer dan 250 MB. Dat is te zwaar voor de iPad. Ik wil er daarom per opname de rustigste drie tot vier minuten uithalen en die als lichte lus klaarzetten.
Hoe ik de beste minuten vind
Ik kan niet luisteren, maar ik kan wel meten. Per opname meet ik hoe het volume verloopt, of er laag gerommel in zit zoals verkeer, en waar plotselinge pieken zitten, zoals een tak, een auto of een roep vlak bij de microfoon. Daaruit kies ik het stuk dat het gelijkmatigst en het schoonst is, en daar zoek ik een punt waarop het naadloos kan herhalen. Daarna kies jij met je oor, in de mixer, tussen twee of drie kandidaten.
Wat de meting liet zien
Ik heb de zes opnames per seconde doorgemeten op volume, laag gerommel en plotselinge pieken. De meting heb ik eerst getest op een nepopname met een tik op 30 seconden en gebrom rond 60 seconden. Die vond hij allebei terug.
Zomerse sfeer in een groot bos
Gekozen als bosgrond, twee stukken van 3 minuten
Er zat een brom op 50 Hz in van de bandrecorder uit 1978. Die heb ik weggefilterd, waarmee het laag zakte van 22 naar 2 procent. Daaronder zit 80 procent van de energie tussen 2 en 8 kHz, en dat is ruisend blad met vogels. Er is bijna niets boven 8 kHz, waardoor de opname wat dof klinkt. Voor een ondergrond is dat eerder een voordeel. Het beste stuk, van 8:10 tot 11:10, heeft 2,7 pieken per minuut.
Bos met vogels bij een beek
Gekozen als beekje, 3 minuten
Zeer gelijkmatig, met maar 9 dB verschil tussen zacht en hard. Dezelfde brom zat er sterk in en is eruit. Hij vervangt het oude beekje van 16 seconden.
Bosgeluiden in de winter
Gekozen als winterbos, 3 minuten
Het rustigste stuk, van 6:40 tot 9:40, is heel stil en gelijkmatig, met 0,3 pieken per minuut. De brom zat hier op 60 Hz. De auto's zitten tussen 3:50 en 4:20 en vallen erbuiten. Er zit wel wat middentoon in dat op verre wegen kan wijzen, dus luister kritisch.
Bos met vogels
Gekozen als Nederlands vogelbos, 3 minuten
Met 27 pieken per minuut zitten de vogels te dichtbij voor een grond. Als vervanger voor de vogels in de verte is het wel een Nederlands alternatief voor de Engelse opname.
Bos met veel zangvogels en Sallandse Heuvelrug
Afgevallen
De eerste heeft 32 pieken per minuut, dus vogels vlak bij de microfoon. De tweede is voor tweederde wind op de microfoon en laag gerommel, met weinig bos erboven.
Alle gekozen stukken staan op hetzelfde gemiddelde volume en zijn bewaard als lichte bestanden van ongeveer 3 MB. In het mengpaneel kies je per laag de opname in het menuutje onder de naam. Het wisselen gaat met een overvloeier, zodat je direct kunt vergelijken.
Bronnen
- Buxton e.a., 2021, PNAS, samenvatting Carleton University
- Gould van Praag e.a., 2017, Scientific Reports
- Attention restoration theory, Kaplan en Kaplan
- Alvarsson, Wiens en Nilsson, 2010, IJERPH
- Ratcliffe, Gatersleben en Sowden, 2018, Environment and Behavior
- Natural History Museum over het werk van Ratcliffe
- Annerstedt e.a., 2013, Physiology and Behavior
- Overzicht 2024 over natuurgeluid en virtuele natuur
- Bernie Krause, geofonie, biofonie en antropofonie
- Akoestische nichetheorie bij bosvogels, 2020
- Wind en geluidsniveau in bos
- Zweedse richtlijn voor stille bosgebieden